C-cyclus zestiende zondag door het jaar

ZONDAG 21 JULI 2019

 

  • Eerste lezing: Genesis 18, 1-10a
  • Tweede lezing: Kolossenzen 1, 24-28
  • Evangelielezing: Lucas 10, 38-42
  • Ingesproken lezingen
  • Commentaar: Aan de voeten van de Heer

 

 

Genesis 18,1-10a

Uit het boek Genesis

 

 

In die dagen verscheen de HEER aan Abraham
bij de eik van Mamre,
terwijl hij op het heetst van de dag
bij de ingang van zijn tent zat.
Hij sloeg zijn ogen op
en zag plotseling drie mannen voor zich staan.
Meteen liep hij van de ingang van zijn tent naar hen toe.
Hij boog diep en zei:
“Wees zo welwillend, heer,
uw dienaar niet voorbij te gaan.
Ik zal water laten brengen;
was uw voeten en rust hier onder de boom.
Ik zal brood voor u halen om u te sterken voor uw verdere reis;
gij zijt niet voor niets bij uw dienaar langs gekomen.”
Zij zeiden: “Heel graag.”
Abraham ging haastig de tent in naar Sara en zei:
“Neem gauw drie maten fijn meel, kneed het en bak er koeken van.”
Daarna liep Abraham naar de kudde,
zocht een lekker mals kalf uit en gaf het aan zijn knecht
om het snel klaar te maken.
Toen bracht hij hun kaas en melk,
en het kalf dat hij had laten toebereiden,
en zette hun dat alles voor.
Terwijl zij aten bleef hij bij hen staan, onder de boom.
Toen vroegen ze hem: “Waar is Sara, uw vrouw?”
Abraham antwoordde: “Daar in de tent.”
Toen zei de bezoeker:
“Over een jaar kom Ik weer bij u terug;
dan zal Sara, uw vrouw, een zoon hebben.”

 

 

Kolossenzen 1, 24-28

Uit de brief van de heilige apostel Paulus aan de christenen van Kolosse

 

 

Broeders en zusters,

Ik verheug mij
dat ik voor u mag lijden, en in mijn lijdend lichaam aanvullen
wat nog ontbreekt aan de beproevingen van de Christus,
ten bate van zijn lichaam dat de kerk is.
Ik ben haar dienaar geworden
krachtens de opdracht die God mij gegeven heeft;
namelijk om u het woord Gods te brengen in heel zijn volheid:
om het geheim te verkondigen
dat verborgen was voor alle eeuwen en alle generaties,
maar dat nu is geopenbaard aan zijn gelovigen.
Hen heeft God bekend willen maken
hoe machtig en hoe wonderbaar
dit geheim is onder de heidenvolken.
En dit geheim bestaat hierin:
“Christus in u”,
en ook:
“hoop op een eeuwige heerlijkheid.”
Hem verkondigen wij dus
wanneer wij allen, zonder onderscheid,
vermanen en onderrichten met alle wijsheid die ons gegeven is
om ook allen, zonder onderscheid,
in Christus tot volmaaktheid te brengen.

 

 

Lucas 10, 38-42

Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Lucas

 

 

In die tijd kwam Jezus in een dorp
en een vrouw die Marta heette, ontving Hem in haar woning.
Ze had een zuster, Maria, die
- gezeten aan de voeten van de Heer -
luisterde naar zijn woorden.
Marta werd in beslag genomen door de drukte van het bedienen,
maar ze kwam er een ogenblik bij staan en zei:
“Heer, laat het U onverschillig,
dat mijn zuster mij alleen laat bedienen?
zeg haar dan dat ze mij moet helpen.”
De Heer gaf haar ten antwoord:
“Marta, Marta,
wat maak je je bezorgd en druk over veel dingen.
Slechts één ding is nodig.
Maria heeft het beste deel gekozen
en het zal haar niet ontnomen worden.”

PDF-bestand van deze lezingen

 

 ingesproken lezingen

COMMENTAAR

Jean Bastiaens

Aan de voeten van de HEER

De liturgie van deze zondag heeft het over gastvrijheid. Gastvrijheid was en is een hoog goed. Mensen die naar verre landen reizen, zijn dikwijls verrast door de enorme gastvrijheid die ze daar ondervinden. Om gastvrij te zijn, moet je tijd hebben, of liever nog: moet je tijd maken. Onze aartsvader Abraham was een toonbeeld van gastvrijheid.

In de eerste lezing horen we hoe Abraham op het heetst van de dag voor zijn tent zit. Hij is aanwezig. Op dit uur van de dag wordt er niet gewerkt. Het is een moment van rust, van vrijheid en bezonkenheid. Heel plots verschijnen er drie mannen aan Abraham: het is de HEER zelf met de twee engelen die Hem begeleiden (vgl. Genesis 18,22). Abraham onderbreekt zijn rust, staat meteen op en ontvangt zijn gasten met een uitgebreide welkomstgroet. Deze wordt kort en krachtig beantwoord: ‘Heel graag!’ Daarop verdwijnt Abraham in de tent om zijn vrouw Sara en zichzelf aan het werk te zetten. Wanneer alles gereed is – brood, kaas en melk, en vlees: een echt nomadenmaal – beginnen de gasten te eten. Abraham eet niet mee, maar staat onder de boom, gereed om in iets te voorzien wanneer dat nodig mocht zijn. En dan slaat het verhaal om. De gasten vragen naar de vrouw van Abraham, die ze bij name kennen. In de gegeven omstandigheid ogenschijnlijk een ongepaste vraag, die door Abraham dan ook kort wordt beantwoord: ‘Daar in de tent.’ En dan blijkt dat Abraham en Sara eigenlijk te gast zijn bij de drie mannen, want zij ontvangen de belofte van een nageslacht. Sara is tot nog toe onvruchtbaar gebleken en bovendien de menopauze al voorbij, en toch zal ze ontvangen en baren. En het zal een zoon zijn, kind van de belofte.

In het evangelieverhaal gaat het ook over gastvrijheid. Marta heeft Jezus uitgenodigd voor een feestmaal. Ze is een zelfstandige en ondernemende vrouw die ‘haar woning’ openstelt voor Jezus en zijn gevolg. Het is altijd weer frappant om in de evangeliën te ontdekken hoeveel vrouwen er telkens weer in de omgeving van Jezus opduiken. Het is een grote drukte en Marta heeft tien ogen tegelijk nodig om ervoor te zorgen dat alles in goede banen verloopt. Heeft er niemand iets te kort? Moet er iets extra klaargemaakt worden? Ze is de perfecte gastvrouw.

De zus van Marta is ook aanwezig, maar ze houdt zich afzijdig van de drukte van het bedienen van de gasten. Wat doet Maria? Lucas zegt dat ze ‘aan de voeten van de HEER zit’. Dat is eigenlijk een vaste uitdrukking om aan te geven dat iemand een leerling is geworden van de een of andere rabbi met naam en faam. Zo zat Paulus ooit ‘aan de voeten van Gamaliël’ die in Jeruzalem jongemannen opleidde in de schriftgeleerdheid. Doorgaans waren het inderdaad mannen die zich bekwaamden bij een of andere rabbi. Maar hier is het een vrouw. Maria is leerling geworden van Jezus: ze laat zich door Hem onderrichten en luistert aandachtig naar zijn woorden.

Marta kan daar niet mee lachen. Zoals zo vaak kunnen familieleden het moeilijk van elkaar hebben wanneer iemand uit de pas loopt. Marta gaat zelfs op Jezus af om Hem daarover aan te spreken. En dan is het tijd voor Marta om leerling te worden en een persoonlijk woord van de HEER te ontvangen. Jezus leidt het nadrukkelijk in, met de dubbele aanroep van haar naam: ‘Marta, Marta, wat maak je je druk over veel dingen!’ Tegenover het vele stelt Jezus het éne:  ‘Slechts één ding is nodig.’ Wat is dat ene?

‘Het vele’, dat zijn de dagelijkse beslommeringen van wat ons te doen staat. Er komt heel wat ‘geregel’ kijken bij het leven zoals wij dat vandaag leiden. We moeten onze e-mails ophalen, en ze ook beantwoorden, we hebben afspraken, rennen van hier naar daar, moeten verslagen lezen of schrijven… We kennen het allemaal wel: ‘Druk, druk, druk!’ Dat is het vele.

‘Het éne’ is het moment waarop we stilvallen. Het is een moment om te verzamelen, om het vele naar de achtergrond te duwen en naar de voorgrond te halen wat ons eenheid geeft. Dat gebeurt wanneer we een woord ontvangen van de HEER; wanneer we aan zijn voeten gaan zitten, tijd maken voor Hem en op die manier Hem onze gastvrijheid aanbieden. Het is een moment van stilte, van luisteren. En dan komt het woord, een woord van belofte. Een woord dat vrucht zal dragen in ons.

Elke dag kunnen we zoeken naar een moment om op die manier gastvrijheid te verlenen aan de HEER. Luisteren naar de Stilte. De Bijbel openslaan en het woord beluisteren. En wat we daar ontvangen, zal ons niet ontnomen worden.

PDF-bestand van deze commentaar

volg ons

over deze blog

Deze blog gaat op zoek naar de betekenis van Bijbelteksten.

In onze artikels wijzen we vaak de weg naar meer informatie die te vinden is in het Bijbelhuis.

Hier leest u ook artikels over onze bijzondere programmatie of evenementen.

Breng deze pagina regelmatig een bezoekje. Je vindt hier geregeld nieuwe teksten.

Jean Bastiaens, directeur van Bijbelhuis Zevenkerken.