C-cyclus Doop van de Heer

 


ZONDAG 13 JANUARI 2019 

 

  • Eerste lezing: Jesaja 42, 1-4.6-7
  • Tweede lezing: Handelingen 10, 34-38
  • Evangelielezing: Lucas 3, 15-16.21-22
  • Ingesproken lezingen
  • Commentaar: De drievoudige zending van Jezus

 

 

Jesaja 42, 1-4.6-7

Uit de profeet Jesaja

 

Dit is mijn dienaar die Ik ondersteun,  mijn uitverkorene in wie Ik behagen schep:  mijn geest stort Ik over hem uit

 

Zo spreekt de Heer:
"Dit is mijn dienaar die Ik ondersteun,
mijn uitverkorene in wie Ik behagen schep:
mijn geest stort Ik over hem uit,
gerechtigheid laat hij stralen over de volken.
Hij roept niet, hij schreeuwt niet
en op straat verheft hij zijn stem niet.
Het geknakte riet zal hij niet breken,
de kwijnende vlaspit niet doven,
in waarheid zal hij de gerechtigheid laten stralen.
Onvermoeid en ongebroken
zal hij op aarde gerechtigheid laten zegevieren:
de verre kusten zien uit naar zijn leer."
"Ik, de Heer, roep u in gerechtigheid,
Ik neem u bij de hand en waak over u
en maak u voor de mensen tot het teken van mijn verbond
en tot een licht voor de volken.
Blinden zult gij de ogen openen,
gevangenen uit hun kerker bevrijden
en uit de gevangenis allen die in duisternis zitten."

 

 

Handelingen 10, 34-38

Uit de Handelingen der Apostelen

 

Hoe God Hem gezalfd heeft  met de heilige Geest en met kracht

 

 

In die tijd nam Petrus het woord en sprak:
"Nu besef ik pas goed,
dat er bij GOD geen aanzien van persoon bestaat,
maar dat, uit welk volk ook,
ieder die Hem vreest en het goede doet
Hem welgevallig is.
Het woord heeft Hij tot de zonen van Israël gezonden
toen Hij door Jezus Christus
de blijde boodschap van vrede verkondigde:
Deze is de Heer van allen.
Gij weet wat er overal in Judea gebeurd is;
hoe Jezus van Nazaret zijn optreden begon in Galilea
na het doopsel dat Johannes predikte,
en hoe GOD Hem gezalfd heeft
met de heilige Geest en met kracht.
Hij ging weldoende rond
en genas allen
die onder de dwingelandij van de duivel stonden,
want GOD was met Hem."

 

 

Lucas 3, 15-16.21-22

Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Lucas

 

Gij zijt mijn Zoon, de welbeminde,  in U heb ik mijn behagen gesteld

 

 

In die tijd toen het volk vol verwachting was
en iedereen zich aangaande Johannes de vraag stelde,
of hij niet de Messias zou zijn,
gaf Johannes aan allen het antwoord:
"Ik doop u met water, maar er komt iemand
die sterker is dan ik;
ik ben niet waardig de riem van zijn sandalen los te maken.
Hij zal u dopen met de heilige Geest en met vuur."
Terwijl al het volk zich liet dopen,
en Jezus na zijn doop in gebed was,
geschiede het dat de hemel openging,
en dat de heilige Geest, in lichamelijke gedaante als een duif,
over Hem neerdaalde,
en dat een stem uit de hemel sprak:
"Gij zijt mijn Zoon, de welbeminde,
in U heb ik mijn behagen gesteld." 

PDF-bestand van deze lezingen

 

 

Ingesproken lezingen

 


 

Commentaar

Jean Bastiaens

De drievoudige zending van Jezus

De drie lezingen van deze zondag staan allemaal in dezelfde richting gekeerd: de gave van de Geest van GOD is onlosmakelijk verbonden met een opdracht - je kunt ook zeggen: met een zending. In de tweede lezing wordt die zending zo samengevat: "Jezus ging weldoende rond en genas allen die onder de dwingelandij van de duivel stonden." De eerste lezing en het evangelie kunnen helemaal in elkaars verlengde gelezen worden: de twee portretteringen roepen elkaar over en weer op.

De eerste lezing gaat over de Dienaar van JHWH.  Vanaf hoofdstuk 40 is deze Dienaar in het boek Jesaja het brandpunt van een drama met wereldwijde dimensies. De Dienaar - een anonieme profeet - wordt door GOD uitgekozen om zijn wil ten uitvoer te brengen. Wat is die wil van GOD? Het volk Israël mag, hoewel murw geslagen door het verleden en door de ballingschap, erop vertrouwen dat GOD een nieuw begin met zijn volk wil maken. Lange tijd dacht het volk dat het liedje uitgezongen was: "GOD trekt zich ons lot niet meer aan, Hij is een afwezige GOD." Maar dan blijkt dat niet zozeer GOD afwezig is, dan wel dat het volk het geloof in een nieuwe toekomst zelf heeft opgegeven. Zoals wel vaker, blijkt geloof of ongeloof soms eerder een projectie van de eigen toekomstverwachtingen of het ontbreken daarvan te zijn. Maar dan laat GOD van zich horen: Hij breekt door de muur van stilte heen, confronteert ons met ons defaitisme, en wast ons de oren. Het komt er dus op aan weer een houding van luisterbereidheid te ontwikkelen, en dat veronderstelt openheid, bereidheid om de dingen anders te gaan bekijken.

GOD presenteert zijn Dienaar: "Hier is hij, mijn uitverkorene, die door mij gesteund en gedragen wordt." Deze Dienaar heeft de geest van GOD ontvangen en is nu uitgerust om zijn zending uit te voeren. Er volgen vijf nadere bepalingen bij deze zending. Ten eerste zal de Dienaar deze zending op een geweldloze manier vervullen ("Hij roept niet enz."). Ten tweede zal hij Gods gerechtigheid aanwezig brengen door de waarheid te laten zegevieren, maar hij zal dat - ten derde - zo doen dat de kwetsbaarheid van het volk gerespecteerd wordt ("Het geknakte riet enz."). Ten vierde zal hij het teken worden van het verbond tussen GOD en zijn volk, met het oog op het heil van alle volken. En ten vijfde zal het effect van het optreden van de Dienaar zijn dat mensen ("blinden") weer uitzicht krijgen en dat aan hun gevangenschap een einde komt. De Dienaar heeft dus een heel programma waar te maken, en het zal geen eenvoudige opdracht blijken.

Wanneer Jezus gedoopt wordt "met de heilige Geest", wordt diezelfde stem over hem vaardig. Ook hier is er sprake van een presentatie, maar nu wordt Hij zelf rechtstreeks aangesproken: "Jij bent"". En ook hier is de presentatie een zending, met drie dimensies. Ten eerste krijgt Jezus de opdracht om "de Zoon" te zijn: Hij zal de koningszoon zijn, Hij is de erfgenaam van de troon van David en zal héél Israël ("de twaalf stammen") onder zijn hoede moeten brengen (Psalm 2). Ten tweede is Hij de "welbeminde" of "veelgeliefde": Hij is, zoals Isaak, de zoon van de belofte (Genesis 22); in Hem zal GOD iets nieuws beginnen, en dat nieuwe zal tot zegen strekken van àlle volken. Ten derde is Hij "de Dienaar", degene in wie GOD "zijn welbehagen heeft gesteld" (Jesaja 42; 53). Als Dienaar zal Jezus laten zien hoe universeel de uitverkiezing van Israël in wezen is. Maar de dimensie van het Dienaarschap maakt ook duidelijk dat de opdracht om "Zoon" en "welbeminde" te zijn passeert langs de weg van de zelfgave. Er zullen veel weerstanden opduiken jegens Jezus, zoals het ook de Dienaar van Jesaja is vergaan; maar de geweldloze Dienaar heeft alle weerstanden op zich genomen en heeft er zich niet tegen verzet.

Bij zijn doop krijgt Jezus dus de drieledige opdracht mee om "Zoon" en "Welbeminde" en "Dienaar" te zijn. Juist omdat Hij gedoopt is "met heilige Geest en met vuur", zal Hij deze opdracht kunnen waarmaken. Op onvoorspelbare wijze zal Hij de drievoudige opdracht realiseren. En zo zal Hij laten zien wat het betekent om de messias van Israël te zijn, zoon van Israël van de doop tot in het graf, opdat alle volken deel krijgen aan Gods gerechtigheid.

Met de doop van Jezus staan we aan het begin van een lange weg. Lucas nodigt ons vandaag uit om Hem op die weg te vergezellen.

PDF-bestand van deze commentaar

volg ons

over deze blog

Deze blog gaat op zoek naar de betekenis van Bijbelteksten.

In onze artikels wijzen we vaak de weg naar meer informatie die te vinden is in het Bijbelhuis.

Hier leest u ook artikels over onze bijzondere programmatie of evenementen.

Breng deze pagina regelmatig een bezoekje. Je vindt hier geregeld nieuwe teksten.

Jean Bastiaens, directeur van Bijbelhuis Zevenkerken.