B-cyclus achttiende zondag door het jaar

 ZONDAG 5 AUGUSTUS 2018

 

  • Eerste lezing: Exodus 16,2-4.12-15
  • Tweede lezing: Efeziërs 4,17.20-24
  • Evangelielezing: Johannes 6,24-35
  • Ingesproken lezingen
  • Commentaar: Van morren naar geloven

 


Exodus 16,2-4.12-15

Eerste lezing uit het Boek Exodus

 

 Ik zal brood voor u laten regenen uit de hemel

 

In die dagen, toen ze in de woestijn waren
begon heel de gemeenschap van de Israëlieten
te morren tegen Mozes en Aäron.
De Israëlieten zeiden tegen hen:
"Waren we maar door de hand van de HEER gestorven in Egypte,
waar we bij de vleespotten zaten en volop brood konden eten.
Gij hebt ons alleen maar naar de woestijn gebracht
om al deze mensen van honger te laten omkomen."
Toen sprak de HEER tot Mozes:
"Ik zal brood voor u laten regenen uit de hemel.
De mensen moeten er dagelijks op uit gaan
en de hoeveelheid voor één dag verzamelen.
Dan kan ik vaststellen of het mijn leiding wil volgen of niet.
"Ik heb het gemor van de Israëlieten gehoord.
Dit moet ge hun zeggen:
Tegen de avond kunt ge vlees eten
en morgenochtend zult ge volop brood hebben.
Dan zult ge weten dat Ik de HEER, uw God, ben."
En het was avond
toen kwartels kwamen aangevlogen
die neervielen over heel het kamp.
De volgende morgen hing er dauw rondom het kamp.
En toen deze was opgetrokken, lag er over de woestijn
een fijne korrelige laag, alsof de grond met rijp was bedekt.
De Israëlieten zagen het en vroegen:
"Wat is dat?"
Ze wisten werkelijk niet wat het was.
Mozes legde hun uit:
"Dit is het brood dat de HEER u te eten geeft."

 

 

Efeziërs 4,17.20-24

Tweede lezing uit de brief van de heilige apostel Paulus aan de christenen van Efeze

 

 Bekleedt u met de nieuwe mens, die naar Gods beeld is geschapen

 

Broeders en zusters,
Ik bezweer u in de Heer:
leef niet langer zoals de heidenen in hun waanwijsheid.
Maar gij hebt de Christus zo niet leren kennen!
Want gij hebt van Hem gehoord
en zijt in Hem onderricht naar de waarheid die in Jezus is:
dat gij de oude mens van uw vroegere levenswandel,
die te gronde gaat aan zijn bedrieglijke begeerten,
moet afleggen
en dat geheel uw denken zich moet vernieuwen.
Bekleedt u met de nieuwe mens,
die naar Gods beeld is geschapen
in ware gerechtigheid en heiligheid.

 

 

Johannes 6,24-35

Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Johannes

  

Wie tot Mij komt zal geen honger meer hebben, en wie in Mij gelooft zal nooit meer dorst krijgen.’

 

In die tijd, toen de mensen bemerkten
dat noch Jezus noch zijn leerlingen daar waren,
gingen zij in de boten
en voeren in de richting van Kafarnaüm
op zoek naar Jezus.
Zij vonden Hem aan de overkant van het meer en zeiden:
'Rabbi, wanneer zijt Gij hier gekomen?'
Jezus nam het woord en zeide:
'Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u:
Niet omdat gij tekenen gezien hebt zoekt ge Mij,
maar omdat gij van de broden hebt gegeten
tot uw honger was gestild.
Werkt niet voor het voedsel dat vergaat
maar voor het voedsel dat blijft ten eeuwigen leven
en dat de Mensenzoon u zal geven.
Op Hem immers heeft de Vader, God zelf, zijn zegel gedrukt.'
Daarop zeiden zij tot Hem:
'Welke werken moeten wij voor God verrichten?'
Jezus gaf hun ten antwoord:
'Dit is het werk dat God u vraagt:
te geloven in Degene die Hij gezonden heeft.'
In die dagen zei de menigte tot Jezus:
'Wat voor tekenen doet Gij dan wel
waardoor wij kunnen zien dat wij in U moeten geloven?
Wat doet Gij eigenlijk?
Onze vaderen hebben het manna gegeten in de woestijn,
zoals geschreven staat:
Brood uit de hemel gaf Hij hun te eten.'
Jezus hernam:
'Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u:
wat Mozes u gaf was niet het brood uit de hemel;
het echte brood uit de hemel
wordt u door mijn Vader gegeven;
want het brood van God daalt uit de hemel neer
en geeft leven aan de wereld.'
Zij zeiden tot Hem:
'Heer, geef ons te allen tijde dat brood.'
Jezus sprak tot hen:
'Ik ben het brood des levens:
wie tot Mij komt zal geen honger meer hebben,
en wie in Mij gelooft zal nooit meer dorst krijgen.'

PDF-bestand van deze lezingen

 

 

INGESPROKEN LEZINGEN

 

Commentaar

Jean Bastiaens

Van morren naar geloven

De teksten van deze zondag borduren verder op de broodthematiek van vorige zondag.
Johannes blijft onze gids. En ook nu hebben we weer een oudtestamentische tekst die het
evangelie meer diepteperspectief geeft. Met de lezing uit Exodus 16 bevinden we ons
midden in de woestijn. Het is de leerplaats bij uitstek: want als we geen enkele zekerheid
meer hebben en ons afhankelijk weten van de hemelse dauw, dan kunnen we onszelf ook
niets meer voorliegen. Het volk lijdt dorst in de woestijn. En nu ook honger. Het is in opstand
gekomen tegen de macht van de farao van Egypte en is het land kunnen ontvluchten, dankzij
Mozes en Aäron. In de nacht van hun verlossing hadden ze Pasen gevierd. Maar nu valt de
realiteit weer hard op hun hoofd. Wordt het nog wel iets, de ons aangezegde bevrijding?
Zoals dat gaat in elke groot mensenproject, is er een inzinking: het volk valt weg in
vertwijfeling en ziet plots geen toekomst meer. Het denkt terug aan Egypte: het was hard
werken, als slaven nog wel, maar er was wel bestaanszekerheid, er was eten en drinken. En
wat is er hier in de woestijn behalve honger en dorst en één grote vlakte van zand, zo wijd als
onze onzekerheid? En zo wordt het volk door GOD op de proef gesteld (Exodus 15,25). De
inzinking is normaal, en hoort bij een groeiproces naar iets nieuws. Maar zal het volk de
volgende stap kunnen zetten?
Wat is die volgende stap? Het is: leven uit vertrouwen. Wie vertrouwt op GOD, bouwt op GOD.
Dit vertrouwen moet groeien, in dagen van voorspoed, en nog sterker in dagen van
tegenspoed. GOD weet dat het niet gemakkelijk is voor een volk dat nog leeft met een
slavenmentaliteit. Er is tijd nodig. En een pedagogische aanpak. GOD zelf zal het volk te eten
geven, maar telkens maar genoeg voor één dag. Het volk leert zo te vertrouwen dat GOD elke
dag opnieuw klaar zal staan om voor zijn mensen te zorgen. Leven uit Gods hand, heet dat.
Wat staat er op het menu? Kwartels en een onduidelijk goedje dat bij het optrekken van de
ochtenddauw zichtbaar wordt. De mensen staan er verbaasd naar te kijken, en vragen aan
Mozes: Wat is dat?? In het Hebreeuws klinkt dat als 'man hu', en later besluit het volk dat
ondefinieerbare goedje de naam 'manna' te geven. Ze eten het als ware het een soort brood.
En Mozes laat hun verstaan dat GOD zijn volk niet gered heeft om het te laten sterven in de
woestijn, maar dat Hij het eten zal geven, van dag tot dag.
Leven uit Gods hand. Het volk heeft het moeten leren. In diezelfde woestijn zal het volk later
de tien woorden ontvangen, aan de voet van de berg Sinaï. Woorden om van te leven. En
Mozes prent het volk in: 'GOD liet u honger lijden en gaf u toen manna te eten, voedsel dat u
nooit eerder had gezien en uw voorouders evenmin. Zo maakte Hij u duidelijk dat een mens
niet leeft van brood alleen, maar van alles wat de mond van de HEER voortbrengt. Veertig jaar
lang raakten uw kleren niet versleten en zwollen uw voeten niet op. Laat ieder van u dan
beseffen dat de HEER, uw God, u opvoedt zoals een vader zijn kind opvoedt.'
(Deuteronomium 8,3-5)
Dat leren leven vanuit vertrouwen, wat er onderweg ook gebeurt, dat heet bij Jezus: geloven.
Het gaat om een levenshouding en om een leerweg. De Naam van GOD staat er garant voor
dat Hij het leven van mensen wil, niet de dood. Wie zich leert toevertrouwen, zal merken dat
de krachten van het leven sterker zijn dan de krachten van de dood. Liefde sterker dan de
dood – zo wil GOD onder de mensen zijn.
In de evangelielezing wordt voortgeborduurd op de gebeurtenis met de vijf broden en de
twee vissen. Jezus is geen mirakelman en het heeft geen zin van Hem een koning te maken
die met een vingerknip het gevecht voor het dagelijks brood zal opheffen. Jezus vraagt geen
heldenstatus, Hij vraagt het vertrouwen, Hij vraagt geloof. En wie erin slaagt zijn leven
vertrouwvol met Jezus te verbinden, zal ontdekken dat Jezus zelf brood wordt om van te
leven. Hij schenkt zichzelf aan ons, als spijs voor onderweg, als brood dat uit de hemel is
neergedaald. Hij lenigt elke dorst en elke honger. Waarom? Omdat Hij het antwoord is op
vragen en verlangens die door geen enkele mens definitief kunnen worden vervuld.
Waartoe? Opdat wij zouden leven, vrijuit, volop, als mensen die niets meer te verliezen
hebben, omdat ze alles al gewonnen hebben.

PDF-bestand van deze commentaar

volg ons

over deze blog

Deze blog gaat op zoek naar de betekenis van Bijbelteksten.

In onze artikels wijzen we vaak de weg naar meer informatie die te vinden is in het Bijbelhuis.

Hier leest u ook artikels over onze bijzondere programmatie of evenementen.

Breng deze pagina regelmatig een bezoekje. Je vindt hier geregeld nieuwe teksten.

Jean Bastiaens, directeur van Bijbelhuis Zevenkerken.