25 maart 2015

Lectionarium Palmzondag

 

B-CYCLUS ZONDAG 29 MAART 2015

 

  • Eerste lezing: Jesaja 50,4-7
  • Tweede lezing: Filippenzen 2,6-11
  • Evangelielezing: Marcus 11,1-11
  • Ingesproken lezingen
  • Commentaar: Op weg naar het einde – weerloos en geweldloos!

 

JESAJA 50,4-7

Eerste lezing uit de profeet Jesaja

 Elke morgen richt Hij het woord tot mij en ik luister met volle overgave

 

 

God de HEER heeft mij de gave van het woord geschonken:
ik versta het de ontmoedigden moed in te spreken.
Elke morgen spreekt Hij zijn woord,
elke morgen richt Hij het woord tot mij
en ik luister met volle overgave.
God de HEER heeft tot mij gesproken
en ik heb mij niet verzet,
ik ben niet teruggedeinsd.
Mijn rug bood ik aan wie mij sloegen,
mijn wangen aan wie mij de baard uitrukten,
en mijn gezicht heb ik niet afgewend
van wie mij smaadden en mij bespuwden.
God de HEER zal mij helpen:
daarom zal ik niet beschaamd staan
en zal ik geen spier vertrekken.
Ja, ik weet dat ik niet te schande zal worden.

 

 

FILIPPENZEN 2,6-11

Tweede lezing uit de brief van de heilige apostel Paulus aan de christenen van Filippi

 gehoorzaam tot de dood, tot de dood aan het kruis

 

 

Broeders en zusters,
Hij, die bestond in goddelijke majesteit
heeft zich niet willen vastklampen
aan de gelijkheid met God.
Hij heeft zichzelf ontledigd
en het bestaan van een slaaf op zich genomen.
Hij is aan de mensen gelijk geworden.
En als mens verschenen
heeft Hij zich vernederd
door gehoorzaam te worden tot de dood,
tot de dood aan het kruis.
Daarom heeft God Hem hoog verheven
en Hem de naam verleend
die boven alle namen is.
Opdat bij het noemen van zijn Naam
zich iedere knie zou buigen
in de hemel, op aarde en onder de aarde,
en iedere tong zou belijden,
tot eer van God de Vader:
Jezus Christus is de Heer.

 

 

Marcus 11,1-11

Intrede in Jeruzalem uit het evangelie volgens Marcus

 Gezegend is Hij die komt in de naam van de Heer.

 

 

Toen ze dicht bij Jeruzalem waren,
bij Betfage en Betanië,
tegen de Olijfberg aan,
stuurde Hij twee van zijn leerlingen eropuit
met de opdracht:
'Ga naar het dorp daar vlak voor je.
Meteen als je er binnenkomt,
zul je een veulen vinden dat vastgebonden staat
en waarop nog geen mens gezeten heeft.
Maak het los en neem het mee.
Als iemand tegen jullie zegt: "Wat doen jullie daar?"
zeg dan: "De Heer heeft het nodig; Hij stuurt het meteen weer terug."
Ze gingen weg en vonden een veulen,
vastgebonden bij een deur, buiten aan de straat,
en ze maakten het los.
Sommige omstanders zeiden tegen hen:
'Wat doen jullie daar, waarom maken jullie dat veulen los?'
Ze antwoordden hun zoals Jezus gezegd had.
En ze lieten hen hun gang gaan.
Ze namen het veulen mee naar Jezus,
wierpen er hun kleren overheen,
en Hij ging erop zitten.
Velen spreidden hun kleren uit op de weg,
anderen deden hetzelfde met twijgen die ze op het veld gesneden hadden.
Zowel de mensen die voorop gingen als die volgden, schreeuwden: 'Hosanna
Gezegend is Hij die komt
in de naam van de Heer.
Gezegend het koninkrijk
dat komen gaat,
van onze vader David.
Hosanna in de hoogste hemel!
Hij trok Jeruzalem binnen en ging naar de tempel.
Toen Hij alles in ogenschouw genomen had,
ging Hij, omdat het al laat was,
samen met de twaalf naar Betanië.

PDF-bestand van deze lezingen

 

 

INGESPROKEN LEZINGEN

 

 

 

 

cOMMENTAAR

- Jean Bastiaens –

Op weg naar het einde – weerloos en geweldloos!

Op Palmzondag worden we betrokken in een overrompelend drama. Niemand kan onbewogen naar deze teksten luisteren. Een ontluisterend schouwspel wikkelt zich voor onze ogen af, en wie aandachtig toehoort wordt getroffen door de vele paradoxen. Het passieverhaal van Marcus vertoont een sterk dramatische opbouw in een aantal levendige scènes: het intieme gebaar van een vrouw die het hoofd van Jezus zalft, de voorbereiding van het joodse Paasmaal en de verrassende viering daarvan, de aankondiging van het verraad van de apostelen (in het bijzonder dat van Petrus), de angst en de beproeving in de tuin van Getsemane, het verraad van Judas met een kus en de daaropvolgende arrestatie, de ondervraging voor het Sanhedrin, het vuur aan Petrus' schenen op de binnenplaats, de ondervraging voor Pilatus, de uitlevering aan de soldaten en de kruisiging, de bespottingscène aan de voet van het kruis, het sterven van Jezus en ten slotte: de aanwezigheid van de vrouwen en de barmhartige daad van Jozef van Arimatea (lid van het Sanhedrin!). Zowel aan het begin als aan het einde staan er vrouwen klaar om Jezus te omringen; met hun handen willen zij het lichaam dat aan de dood wordt uitgeleverd balsemen en soepel houden, en dat met het oog op leven dat na de doortocht wordt opgewekt.
Als we kijken naar Jezus, naar de manier waarop Hij in dit levenseinde rechtop staat, naar wat Hij zegt of naar zijn zwijgen, dan kunnen we daar niet alleen veel troost uit putten, we kunnen er ook veel van leren voor ons eigen leven. Het Marcusdrama vraagt om contemplatie, en we hebben er al onze zintuigen voor nodig. Belangrijk daarbij is het om goed te registreren waar we zelf pijn, verontwaardiging, boosheid, agressie of droefheid ervaren. Wanneer we zelf alle stadia van de passie met Jezus doorlopen, zullen we er ook door veranderd worden.
Ook in deze teksten over Jezus' laatste Pasen, staat de vraag naar zijn identiteit centraal. In de opmaat van Palmzondag lezen we de tekst over Jezus' intocht in Jeruzalem. Ook hier staat de tekst bol van de paradoxen: want het is de Heer (kurios) die op een ezelsveulen gezeten de stad binnenrijdt, terwijl Hij wordt toegejuicht als degene die het 'koninkrijk van onze vader David' nu eindelijk zal realiseren. De eerste lezing uit Jesaja 50 komt op verschillende plaatsen in het passieverhaal als een echo terug: is Jezus niet die profeet-Knecht die het kwaad onder ogen zag zonder te capituleren? Is Hij niet de man die actieve geweldloosheid bedreef? Als Jezus verhoord wordt voor het Sanhedrin, vraagt de hogepriester Hem recht op de man af of Hij niet de messias is ('de Christus' zoals het in het lectionarium staat), 'de Zoon van de Gezegende' (zoals David de 'zoon' was van de Allerhoogste). En zie, nu Jezus daar zo weerloos en verlaten voor de hogepriester staat, zegt Hij wel volmondig ja op deze vraag: 'Ja, dat ben ik!' En Hij voegt eraan toe dat de hogepriester Hem zal zien zitten als Mensenzoon 'aan de rechterhand van de Macht' en Hem zal zien 'komen met de wolken des hemels'. En ook al vinden de hogepriester en Jezus elkaar in de gewoonte om de Naam van GOD niet zomaar te noemen maar eerder te omschrijven ('Zoon van de Gezegende' en 'aan de rechterhand van de Macht'), toch zet Jezus met deze woorden een stap die voor de hogepriester neerkomt op regelrechte Godslastering. Denkt Jezus werkelijk dat Hij zal zitten aan de rechterhand van de Machtige? Met deze uitspraak is het pleit beslecht en ligt de weg naar een liquidatie open. Deze man moet uit de weg geruimd, want hij ondermijnt niet alleen de Naam van de Machtige, maar vooral ook de macht van de leidende klasse. Zelfs hun tempelmacht lijkt in gevaar!
Wanneer Jezus door Pilatus verhoord wordt, cirkelt de ondervraging natuurlijk niet rond zijn messiasschap – wat zou Pilatus dat kunnen schelen! – maar rond zijn vermeend koningschap. Want wie koning zegt, zegt ook keizer. Pilatus bekijkt Jezus eens goed: zie Hem daar staan, afgetuigd en bespuwd, zo koninklijk ziet die man er nu werkelijk niet uit. Al bij al is heel deze zaak tamelijk bespottelijk. Voor zo'n man kan Jezus maar één ding doen: zwijgen. Pilatus zit er behoorlijk mee verveeld, en hij besluit dat dan maar de wil van het volk gedaan moet worden: dat Hij dan ook maar als oproerkraaier het kruis opgaat!
Maar als Jezus aan het kruis hangt, en onder luide smekingen de geest geeft, is er één die opnieuw de centrale vraag oprakelt: 'Waarlijk, déze mens was Zoon van GOD!'

 

PDF-bestand van deze commentaar

volg ons

over deze blog

Deze blog gaat op zoek naar de betekenis van Bijbelteksten.

In onze artikels wijzen we vaak de weg naar meer informatie die te vinden is in het Bijbelhuis.

Hier leest u ook artikels over onze bijzondere programmatie of evenementen.

Breng deze pagina regelmatig een bezoekje. Je vindt hier geregeld nieuwe teksten.

Jean Bastiaens, directeur van Bijbelhuis Zevenkerken.