B-cyclus tweede zondag van de advent

 Zondag 10 december 2017

  • Eerste lezing: Jesaja 40,1-5.9-11
  • Tweede lezing: 2 Petrus 3,8-14
  • Evangelielezing: Marcus 1,1-8
  • Ingesproken lezingen
  • Commentaar: Het begint in de woestijn

 

Jesaja 40,1-5.9-11

Eerste lezing uit de profeet Jesaja

 

beklim-de-hoogste-berg-gij-Sion

 

Troost, troost toch mijn Stad,
- zegt uw God -,
spreek Jeruzalem moed in,
roep haar toe dat haar straftijd voorbij is,
dat haar ongerechtigheid vergeven is,
dat zij van Gods hand haar zonden dubbel betaald heeft gekregen.
Een stem roept:
"Baan de Heer een weg in de steppe,
effen voor onze God een heerbaan in de woestijn,
elk dal moet gevuld,
elke berg en heuvel geslecht worden,
alle oneffenheden moeten vlak,
de rotsmassa's een vallei worden.
En verschijnen zal de glorie des Heren
en alle vlees zal daarvan getuige zijn:
de mond des Heren heeft het gezegd!"
Beklim de hoogste berg, gij Sion, vreugdebode,
verhef krachtig uw stem, Jeruzalem, vreugdegezant;
verkondig het luide, ken geen vrees,
roep tot de steden van Juda:
"Uw God is op komst!
Zie, God de Heer komt met kracht,
zijn arm voert de heerschappij,
zijn loon komt met Hem mee,
zijn beloning gaat voor Hem uit.
Als een herder zal Hij zijn schapen weiden,
in zijn armen ze samenbrengen,
de lammeren dragen tegen zijn boezem,
de schapen met zachte hand geleiden."

 

 

2 Petrus 3,8-14

Tweede lezing uit de tweede brief van de heilige apostel Petrus

 

Een nieuwe hemel

 

Vrienden,
Eén ding mag u niet ontgaan:
voor de Heer is één dag als duizend jaren
en duizend jaren als één dag.
De Heer talmt niet met zijn belofte
zoals sommigen menen,
maar Hij heeft geduld met u
daar Hij wil dat allen tot inkeer komen
en dat niemand verloren gaat.
Maar de dag des Heren zal komen als een dief.
Dan zullen de hemelen dreunend vergaan
en de elementen zullen door vuur worden verteerd;
en de aarde en de daden op aarde verricht
zullen zich bevinden voor Gods oordeel.
Wanneer alles zo vergaat,
hoe moet gij dan uitmunten
door een heilig leven en innige vroomheid,
de komst verwachtend en verhaastend van de dag Gods,
waardoor de hemelen in vlammen zullen opgaan
en de elementen zullen wegsmelten in de vuurgloed.
Maar volgens zijn belofte verwachten wij nieuwe hemelen
en een nieuwe aarde, waar gerechtigheid zal wonen.
In deze verwachting, geliefden, moet gij u beijveren
onbevlekt en onberispelijk voor Hem te verschijnen,
in vrede met God.

 

 

Marcus 1,1-8

Begin van het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Marcus

 

Johannes de doper 

 

Begin van de Blijde Boodschap van Jezus Christus,
de Zoon van God.
Zoals er geschreven staat bij de profeet Jesaja:
"Zie, Ik zend mijn bode voor u uit
die voor u de weg zal banen;
een stem van iemand die roept in de woestijn:
Bereidt de weg van de Heer,
maakt zijn paden recht."
Zo trad Johannes op in de woestijn en doopte;
hij preekte een doopsel van bekering
tot vergiffenis van de zonden.
Heel de landstreek Judea en alle inwoners van Jeruzalem
trokken naar hem uit,
en lieten zich door hem dopen in de rivier de Jordaan,
terwijl zij hun zonden beleden.
Johannes ging gekleed in kameelhaar
met een leren gordel om zijn lendenen;
hij at sprinkhanen en wilde honing.
Hij predikte:
"Na mij komt die sterker is dan ik,
en ik ben niet waardig mij te bukken
en de riem van zijn sandalen los te maken.
Ik heb u gedoopt met water,
maar Hij zal u dopen met de heilige Geest."

PDF-bestand van deze lezingen

 

 

INGESPROKEN LEZINGEN

 

 

COMMENTAAR OP DEZE LEZINGEN

- Jean Bastiaens -

Het begint in de woestijn

 

Wat roept het woord 'troosten' bij u allemaal op? Bij mij roept het warme gevoelens op: niet alleen van een moeder die haar kind troost opdat het sterk zou worden, maar ook van de troost die mensen soms na veel verdriet mogen ontvangen. Als we getroost worden, verdwijnt de bitterheid, worden we minder hard, komt er weer zachtheid in ons leven. Ik denk daarbij aan de aanhef van een lied van Huub Oosterhuis: 'Wek mijn zachtheid weer, geef mij terug de ogen van een kind.'
Zo begint de eerste lezing uit het boek Jesaja met die prachtige woorden: 'Troost, troost mijn volk' (het lectionarium heeft 'stad', maar bij Jesaja staat wel degelijk 'volk'). Het volk heeft harde tijden meegemaakt: het land werd veroverd door het volk van de Babyloniërs, de bovenlaag van de bevolking werd gedeporteerd naar het verre Babylonië, de kleine mensen bleven berooid en eenzaam achter. Drie generaties lang heeft die ballingschap geduurd, maar nu is er een keer op komst. Er waait een nieuwe wind. Het Perzische volk ontneemt de Babyloniërs hun macht. De Perzische leider Kores (Cyrus) maakt de terugkeer naar het eigen land mogelijk. In die periode treedt er een profeet op: een krachtige leider, iemand met een visioen. Hij interpreteert de tekenen van de tijd en laat verstaan: Dit is de tijd van de vertroosting! God wil ons met zich verzoenen. Hij maakt een nieuw begin mogelijk.
Wat is dat nieuwe begin? Het ligt niet bij de toehoorders die getroost worden, het nieuwe begin ligt bij God zelf: Híj komt in beweging! De profeet ziet het helemaal voor zich en roept de stad Jeruzalem en de daarbij behorende berg Sion op om op de uitkijk te gaan staan. Goed kijken! Wat zie je? Het is God zelf die terugkeert naar zijn verlaten land, naar het mistroostige volk: 'Uw God is op komst!' Het initiatief komt van Hem. En de profeet roept het volk op om zijn komst voor te bereiden: maak van die rommelige paden een deftige 'heerbaan', baan een weg dwars door de woestenij. Dan komt God in zijn 'glorie', waarmee Hij ons allen zal vertroosten en vernieuwen.
Dat krachtige visioen van Jesaja vormt de achtergrond van de evangelielezing uit Marcus. Het is het eerste deel van de proloog van Marcus. Centraal staat het optreden van Johannes. Zijn mantel van kameelhaar en zijn leren gordel verwijzen rechtstreeks naar de profeet Elia (2 Koningen 1,8). Johannes is de verborgen Elia. De plaats van optreden is de woestijn, dat wil zeggen de rand van de woestijn, bij de Jordaan. Johannes maakt het visioen van Jesaja waar: hij baant een nieuwe weg, want er is iemand op komst! Wie is dat? Johannes zelf is daarover nog in het ongewisse, maar degene die komt zal hem in kracht en waardigheid verre overtreffen.
Johannes roept: Stop! Houd halt in je leven, maak pas op de plaats. Dit is de gunstige tijd om je leven om te keren, binnenste buiten te keren. Johannes noemt dat metanoia, dat zoveel betekent als 'anders gaan denken' en 'anders gaan leven'. Hij roept ons op ons leven opnieuw onder de loep te nemen en te kijken of het ook anders kan. Met het oog waarop? Met het oog op iemand die komt, iemand die leeft in de kracht van God en die zal dopen met heilige Geest. Wat dat precies inhoudt, zal gaandeweg het evangelie nog wel duidelijk worden.
De aanhef van de evangelielezing klinkt nogal ongewoon: 'Begin van de Blijde Boodschap van Jezus Christus, de Zoon van God.' In dat woordje 'begin' klinkt dan ook van alles mee. Johannes vraagt de bereidheid om in ons leven telkens opnieuw te durven beginnen. Vastgeroeste patronen in vraag stellen, onze oude dromen opdelven, luisteren naar wat er aan weggeborgen verlangens leeft in ons hart, dat soort dingen. Het gaat om de bereidheid om verandering toe te laten. Waar kun je zo'n proces het beste starten: in de stilte, in een vrijplaats, in de woestijn, zegt Johannes. De woestijn is de bevoorrechte plaats van Gods genade. In de advent wordt ieder van ons uitgedaagd om zo'n plek van genade op te zoeken. Al is het maar dat ene plekje in je huis waar je af en toe tot jezelf kunt komen, waar je in gesprek kunt gaan met God. En waar je het oude lied kunt neuriën: 'Laat komen, Hij die komen zal!'

PDF-bestand van deze commentaar

 

 

 

volg ons

over deze blog

Deze blog gaat op zoek naar de betekenis van Bijbelteksten.

In onze artikels wijzen we vaak de weg naar meer informatie die te vinden is in het Bijbelhuis.

Hier leest u ook artikels over onze bijzondere programmatie of evenementen.

Breng deze pagina regelmatig een bezoekje. Je vindt hier geregeld nieuwe teksten.

Jean Bastiaens, directeur van Bijbelhuis Zevenkerken.